5 maart 2017

ds. A.L.A. den Besten Jesaja 49:8-13 Openbaring 7:1-4;9-17

Bijbeltekst: Jesaja 49:8-13 ,Openbaring 7:1-4;9-17

Samenvatting:

Kinderen, stel dat je bijna jarig bent. Je hebt een verlanglijstje gemaakt en je wordt steeds zenuwachtiger. Zul je krijgen wat je hebt gevraagd of niet? Je moet wachten, geduld hebben. In het Bijbelgedeelte gaat het ook over geduld.
Openbaring is best een moeilijk boek. Definitie: het bekend maken van waarheden die het menselijk verstand niet kan achterhalen. Deze waarheden zijn in opdracht van God zelf door Johannes opgeschreven en gezonden aan de zeven gemeenten. Die waarheden omtrent de geschiedenis kwamen tot Johannes door visioenen.
Het gaat vanmiddag over onze geschiedenis. Daarom is het goed om erbij te blijven. Het gaat over ons leven hier op aarde en de toekomst, over de grens van het leven heen. Johannes krijgt een blik in de hemel. Zou je dat ook willen? We moeten geduld hebben.
Het visioen begint in Openbaring 5 met een visioen van een troon in de hemel. Het Lam zit op de troon, als overwinnaar van dood en graf. Hij heeft een boekrol in zijn hand. Het is de geschiedenis van de mensheid. Het openen betekent dat het leven tot voltooiing wordt gebracht. Wie mag die zegels van het boek breken? Aan wie wordt de voleindiging geopenbaard? Dat is het Lam.

Openbaring 6 maakt een begin met het openen van zegels. Het gaat gepaard met een golf van geweld. Stap voor stap wordt de geschiedenis ontvouwd.
In Openbaring 7 zijn 6 zegels geopend. Nog een zegel te gaan: het eindoordeel. Dat is tegelijkertijd een nieuw begin: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Hoe zal dat zijn, over de grens van het graf heen? Je moet geduld hebben, dan zul je het weten. God zal daar zeer zeker wonen, geen tranen, geen dood. Zo ver is het nog niet. Het laatste zegel moet nog worden geopend. Dan zal het einde zijn.

Eerst wordt er in hoofdstuk 7 een pauze ingelast tussen het zesde en zevende zegel. Extra genadetijd. Johannes ziet vier engelen op de hoeken van de aarde staan. De aarde was in die tijd plat. De wind is het symbool van het oordeel van God. De engelen bedienen het oordeel van God over de aarde. Er komt een engel uit het oosten met het zegel. Dat is Jezus. Hij roept de vernietigende engelen een halt toe. Eerst moet het volk van God verzegeld worden. Er is genadetijd. In die genadetijd leven we nu. We bereiden ons nu voor op het komende paasfeest. We mogen ons bezinnen op dat wat God voor ons in zijn Zoon Jezus Christus deed. God is erop uit om mensen te redden, zicht te geven op het eeuwige leven. Dan mogen ze dat grote cadeau uitpakken. Daar mogen we naartoe leven.
Jezus is als plaatsvervangende zondebok gekomen. Daarom wordt hij het offerlam genoemd. Hij heeft vrijwillig de schuld op zich genomen, ook onze schuld. Nu gaat het erom dat wij onze schuld toegeven, dat we elke keer weer in de fout gaan. Als we die weg bewandelen, mogen we geloven dat Hij ons leven schoon wast.

Johannes ziet de verzegelden voor zich, de verlosten, die hun kleren witgewassen hebben in het bloed van het Lam. Het wit duidt op een hemels schoonmaakproject, een symbool van de reinheid. Het zijn er 144.000. Dit moet je niet als exact getal beschouwen. Het heeft een speciale betekenis: de uitkomst van een som. 12x12x10x10x10. Uit alle geslachten van Israël (12), van de heidenvolken (geroepen apostelen 12). Samen een schare die niemand tellen kan. Tien is volheid, drie keer tien is de volmaaktheid uit Israël en de heidenvolken. Dat koor heft de lofzang aan, zwaaiend met palmtakken als beeld van overwinning. Het is feest in de hemel, de grote lofzegging.
Zeven eigenschappen worden God toegedicht, zie vers 12.
De gelovigen zullen niet aan verdrukking ontkomen. Ieder huis heeft zijn kruis maar de verdrukking is een strijd die alleen de gelovigen in Jezus Christus treft. Een strijd tussen God en zijn engelen en de macht van de boze. Het is een strijd om harten, zielen van mensen. God is bezig om zijn volk te redden en de satan wil hen kapot maken. In de bijbel is de grote verdrukking een periode die vooraf gaat aan de komst van Christus. De intensiteit van de verdrukking neemt toe naarmate de dag van Gods oordeel nadert. De verdrukking van oorlogen, rampen en liefdeloosheid neemt ook toe in intensiteit. Is die verdrukking vanwege je geloof ook herkenbaar? Waar bestaat die uit? Zeker, volgelingen van Jezus zijn een minderheid. Dat merk je misschien wel, maar verdrukking … Als je er al mee te maken krijgt, zou je geloof dan staande blijven. Als je geen last hebt van verdrukking, hoe is het dan met je geloof? Het boek Openbaring is geschreven om hoop te geven, hoop voor de toekomst. Jezus heeft daarvoor gezorgd. Genade Gods oneindig groot. Dit is niet te koop, maar te krijg. Een mensenmassa staan voor Gods troon en roepen eensgezind dat de redding van God komt en van het Lam. Hier en nu is die eensgezindheid nog ver te zoeken. Wat is het goed om aan die eensgezindheid te werken. De redding door het Lam is een unieke boodschappen. Andere godsdiensten hebben het ook over een hiernamaals maar je moet er altijd voor presteren. Maar we kunnen de hemel niet verdienen. God is zo heilig en volmaakt, als mens val je bij Hem in het niet. Maar je hoeft niet in onzekerheid te leven. Je haalt het zelf niet en nooit maar Jezus heeft het voor jou gehaald. Je krijgt nieuwe kleren op grond van het volbrachte offer van Christus. Dat is zo’n bevrijdende boodschap! Als je eenmaal hebt ontdekt wat Jezus heeft gedaan, dan ga je door dat geloof leven. Je gaat dienen en je wilt de minste zijn. Jezus was ook de minste.
Zo ziet Johannes in zijn visioen allerlei mensen, die leven in het licht. Ze dienen Hem dag en nacht in de hemelse tempel. De engelen juichen ook mee.
We mogen ons hier op aarde al in oefenen, om ons te voegen bij die hemelse stemmen.

Nog één ding valt op: vers 15: voor Gods troon dienen al die mensen Hem dag en nacht. Deze zin staat in de tegenwoordige tijd. Al die mensen beleven het hemelleven op dat moment. Hij zal Zijn tent over hen uitspreiden. Dat is dus de toekomst, er is meer dan dat we God in de hemel grootmaken. Er komt een moment dat God alles nieuw maakt. Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waarbij God bij de mensen woont. Dan worden aarde en hemel een eenheid. Dan zullen we er voor altijd veilig zijn. Er zal geen honger en dorst (gebrokenheid van het leven) meer zijn. Wat is er nu nog een gebrokenheid, van allerlei soort. God zal bij de mensen wonen en alle tranen uit onze ogen wissen. Wat ontroerend. Wij moeten vaak zelf onze tranen wegvegen. Wat een teer gebaar, dat God dit doet. We moeten daar geduld voor hebben. We moeten wachten op de Heere, op het cadeau van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

Vandaag geeft God ons een beeld van de toekomst. Dat beeld is door Jesaja voorzegd in hoofdstuk 49. Zo zien we vanuit het OT al een blik in de toekomst. God bevrijdt zijn volk uit de ballingschap, een voorafschaduwing van Jezus, die zijn kinderen bevrijdt uit de ballingschap van de zonde. Hij is zelf het levende water. Alles wordt nieuw.

Wat betekent dat hier en nu voor ons? Dat we voor dat grote cadeau bij het Lam moeten zijn. Bij Jezus is er redding en verlossing, eeuwig leven. Dit leven is niet een voorraad van tijd die verder opraakt. Je leeft toe naar een eeuwig huis, waar Jezus is. Waar Hij is, daar is het goed. Dit leven valt vaak niet mee maar vandaag staat de hemel open en God zelf roept ons toe om moed te houden. Je moet bij Jezus zijn. Zijn Naam is Jahweh: ik ben erbij, altijd en overal. Dat geeft hoop voor dit leven en het toekomende leven. God heeft in Christus een beter vaderland toebereid. Het is nu nog ingepakt maar straks mogen we het uitpakken, wanneer God ons zijn heerlijkheid doet aanschouwen. Halleluja!

Archieven

Categorieën