24 september 2017

Graszoeker of Godzoeker

Predikant:
Serie:
Bijbeltekst: 1 Koningen 18:1-16

Samenvatting:

Thema van de preek: Graszoeker of Godzoeker?
Drie gedachten

  1. Obadja en God (vers 3)
  2. Obadja en de koning
  3. Obadja en Elia

Na een periode van verberging krijgt Elia de opdracht om zich te vertonen aan koning Achab. Nu gaat dus het openbare optreden van de profeet Elia beginnen. Elia krijgt een heel concrete instructie: Ga naar Achab. Dat is niet de eerste keer, want eerder kreeg Elia de opdracht “ga naar de beek Krith” en “ga naar Zarfath”. Na drieënhalf jaar mag Elia aankondigen dat het weer gaat regenen, ondanks dat de droogte niet de uitwerking op het volk heeft gehad. We zien hier Gods ontferming: “Hij zal niet eindeloos Zijn volk kastijden”. De Israëlieten dienden de Baäl. Nood leerde hier de Israëlieten niet bidden tot de Heere. De redding kwam dus uit God. God is de eerste die ons opzoekt: “God zoekt het weggedrevene”. Elia gehoorzaamt en gaat op weg naar koning Achab. Dit is heel riskant, want koning Achab zoekt Elia als een misdadiger. Elia neemt afscheid van de weduwvrouw en het kind. Dat zal best emotioneel zijn geweest: ze hebben veel meegemaakt met elkaar. Ze werden door een wonder gevoed en de dode zoon is opgewekt. Ze hebben tegen elkaar “tot ziens bij Jezus” mogen zeggen.

1. Obadja en God (vers 3)

Elia komt Obadja, de hofmeester van koning Achab, tegen. Heel verrassend is dat Obadja godvrezend is. Dat terwijl koningin Izebel er alles aan deed om godvrezende mensen uit te roeien. Er staat dat Obadja de Heere vreest van zijn jeugd af aan. Er was dus een vroege bekering; dat is het allerbeste. Dat wil je ook als doopouders. Dat je niet alleen de tweede helft van je leven of de extra tijd van je leven aan de Heere geeft, maar heel je leven. Het behoedt je kinderen voor zoveel schade. In je pubertijd kun je zoveel dingen (zoals verslavingen) doen waar je later spijt van krijgt. Als je dan later tot bekering mag komen, kun je zoveel last hebben van deze krassen en littekens op je ziel. Het is aannemelijk dat Obadja de vrede deze Heeren in zijn opvoeding mee heeft gekregen. De ouders zullen niet zomaar deze naam gekozen hebben, want Obadja betekent “knecht van de Heere”. Ook in de doopnamen van de kinderen die straks gedoopt worden zit een verwijzing naar de Bijbel. De ouders van Obadja zullen veel verteld hebben over de Heere en uit de Thora aan hem voorgelezen hebben. Wellicht hebben er mensen in zijn omgeving voor Obadja gebeden. Zo mogen wij ook voor elkaar bidden: heel concreet kinderen van de gemeente bij naam noemen in ons gebed.
Later komt Obadja bij de hofhouding van koning Achab terecht. Door het geloof heeft Obadja 100 profeten verstopt en ook onderhouden. Obadja lijkt hier op de Heere Jezus, Die 5.000 man onderhield met brood en vis. Dit noemen we “een stille in de landen”: 1 persoon die onopvallend zorgde voor de redding van 100 profeten.

2. Obadja en Achab

Wat een verschil tussen Obadja en Achab. In vers 5 wil Achab op zoek naar gras voor zijn paarden. Geen woord over God of over zijn eigen volk die lijdt onder de hongersnood. Zijn paarden vindt hij belangrijker dan Gods profeten, want die moeten dood. Als we ont-goddelijken, gaan we ook ont-menselijken. Gras is in de Bijbel het beeld van het vergankelijke leven en uitgerekend daar is Achab naar op zoek. Achab zoekt naar een laatste stroomhalmpje op aarde, in plaats dat hij naar boven kijkt, naar God. Achab wordt zo beheerst door wat zijn ogen zien. Dat kan ook voor ons gelden: we zijn een geldzoeker, een gezondheid-zoeker, een gezin-zoeker, een genotzoeker, enzovoorts. Dit is allemaal vergankelijk. Wij moeten God-zoeker zijn. Leer dat ook aan je kinderen: God te zoeken. Wat zijn onze prioriteiten? Je ziel is belangrijker dan je lichaam. De Heere Jezus zegt “wat baadt het de mens als hij de hele wereld gewint en schade lijdt aan zijn ziel?” In 1870 was er iemand aan de westkust van Amerika die goud zag liggen op de bodem van een rivier. Er komt dan een gold-run: iedereen gaat op zoek naar goud. Karavanen trekken nar het gebied met de tekst “goudzoekers”. Van de andere kant kwam er een karavaan: daar stond “God zoekers” op. Bij welke karavaan horen wij?

3. Obadja en Elia

Obadja en Elia hebben een verschillende bediening. Elia is een profeet. Obadja mag dienen in stilte. Zo dienen kinderen van God dezelfde God, maar doen dit vanuit een andere positie. In de politiek zijn er mensen die dienen vanuit een kleine christelijke partij, terwijl anderen dat vanuit een andere partij doen. In het onderwijs zijn er mensen die hun licht laten schijnen op een christelijke school, terwijl anderen dat op een openbare school doen (met soms moeilijke omstandigheden).
Obadja en Elia mogen elkaar aanvullen en bemoedigen. Ze mogen samen God dienen, zodat de mensen uiteindelijk weer gaan roepen “de Heere is God, de Heere is God”.
Amen.

Archieven

Categorieën