26 november 2017

Hoe wordt u zalig?

Predikant:
Bijbeltekst: Johannes 15:1-8 Filippenzen 2:12-18

Samenvatting:

Thema voor de verkondiging: “Hoe wordt u zalig?”
2 gedachten:
Zalig worden door te werken (vers 12)
Zalig worden door Gods werk (vers 13)
Preek
Hoe wordt je zalig, hoe wordt je verzoend, hoe wordt je rechtvaardig? In de bijbel staat dat dit alleen door het geloof in de Heere Jezus kan. Dat betekent dat je je zonden en ellenden kent, dat je gelooft dat al je zonden om Jezus wil vergeven zijn en dat je geen zonden meer wilt doen, maar in dankbaarheid God gehoorzamen wil. Hoe kom je tot het geloof en hoe weet je dat je zonden vergeven zijn? Het is niet alleen de activiteit van een mens, maar ook het werk van God. Het geloof is niet je eigen verdienste. Paulus schrijft in de brief aan de gemeente van Efeze “Uit genade bent u zalig geworden, door het geloof en dat niet uit u, want het is een gave van God.”
In de hele kerkgeschiedenis heeft de combinatie van het werk van de mensen en Gods werk verwarring gebracht. Het is daarom goed om aan de hand van deze tekst stil te staan bij deze twee aspecten.
Zalig worden door te werken
Paulus roept in het eerste deel van de brief aan de Filippenzen op om in eenheid met elkaar te leven en elkaar te dienen. Daarna schrijft Paulus over de vernedering en de verhoging van de Heere Jezus. Paulus roemt de gehoorzaamheid van de gemeenteleden van Filippi. Nu Paulus niet bij hen is, is het belangrijk dat de Filippenzen standvastig blijven. Het werken aan hun zaligheid (vers 12) heeft de betekenis van uitwerken. We moeten dus elke dag en in ons hele leven aan onze zaligheid werken. Dit staat in het licht van de dag waarop de Heere Jezus terug komt. Wij moeten bewerkstelligen dat we op die grote dag door de Heere Jezus vrijgesproken worden.
In dit bijbelgedeelte gaat het werken aan de zaligheid over naastenliefde. Het gaat, zoals uit de hele Bijbel te lezen is, ook om het liefhebben van God. In de praktijk van het leven kan het echter vaak tegenvallen, omdat we niet liefdevol zijn, maar haatdragend. Het uitwerken van de zaligheid betekent niet dat we het op zak hebben. De praktijk is dat we altijd aangewezen blijven op het verlossende werk van de Heere Jezus. Eigenlijk kun je dit nauwelijks werken noemen, omdat we voortdurend van genade moeten leven. Dit vinden we vaak moeilijk, omdat het tegen onze natuur ingaat. We moeten elke dag weer onze zonden belijden en het gevecht tegen onze zonden aangaan.
Zowel gelovigen als ongelovigen worden aangesproken. Ongelovigen kunnen en mogen niet afwachten totdat er iets (bijzonders) gebeurt. Hier past geen onverschilligheid of geestelijke luiheid. Wij kunnen in de Bijbel lezen, opdat we de Heere leren kennen. Wij kunnen bidden, onze zonden belijden en vragen om vergeving. De Bijbel roept ook op om te geloven dat Hij echt onze zonden vergeeft. Vervolgens willen wij dan ook tegen de zonden strijden.
Sommige mensen denken dat ze er al zijn. Nadat ze tot het geloof zijn gekomen blijft alles hetzelfde. Werken aan uw eigen zaligheid betekent dat u aan het werk moet blijven. Dat heeft met levensheiliging te maken: dat is nooit klaar. Paulus schrijft hierover dat hij het niet bereikt heeft, maar ernaar jaagt. Je raakt steeds meer aangewezen op Zijn genade. Je wordt hierin niet steeds beter, maar je ziet steeds meer in dat alles bij jou onder de maat is. Er staat nog iets bij: “met vreze en beven”. Dat is geen zorgeloosheid of een gearriveerd christendom. Deze vrees maakt niet bang, maar verootmoedigt wel.
Zalig worden door Gods werk
Sommige mensen zullen wel denken “we kunnen onze zaligheid toch niet bewerkstelligen?” Van nature zijn we toch geneigd tot alle kwaad? Het kan doordat God werkt. Pauls schrijft “het is God die in u werk werkt beide het willen en het werken”. God zorgt ervoor dat we willen en de goede keuze maken. God zorgt er ook voor dat we het niet alleen willen, maar ook gaan doen. De energie waardoor wij de zaligheid werken, komt van God. Net zoals een apparaat pas gaat werken als de energie via het stopcontact binnenkomt.
Hoe verhoudt het werk van God en het werk van ons dan tot elkaar? Daar is in de eeuwen door al heel wat mee geworsteld. Met elke rationele oplossing gaat er altijd een stuk van de bijbels boodschap verloren. God helpt niet alleen, maar Hij doet het helemaal. Anderzijds is het niet zo dat bekering ons alleen maar overkomt, of dat het zelfs tegen onze wil ingaat. Het gevaar van lijdelijkheid ligt op de loer als er niet opgeroepen wordt tot geloof. Wij hoeven dit niet verstandelijk op te lossen, maar mogen de schrift naspreken. Het is 100% het werk van God, maar God werkt ook zo dat het werk door ons gedaan wordt. In de Dordtse Leerregels staat dit mooi verwoord, vooral in de hoofdstukken 3 en 4. De Heilige Geest verandert onze wil: wat we van nature niet willen, gaan we dan wel willen. Dan krijgt God alle eer en hoeven we niet krampachtig te leven. Ons werk is tegelijk Gods werk. We hoeven dan ook niet te wanhopen als we merken dat we het zelf niet kunnen. Ook hoeven we dan niet bang te zijn dat we weer terugvallen. God zal zijn werk volbrengen. Als we in Christus blijven dragen we vrucht (Johannes 15). Zo worden we zalig. God vraagt naar Zijn Eigen werk in ons leven. Het is de gave van God waarover wij mogen roemen. Wat de Heere in ons werkt is naar Zijn welbehagen en Zijn raad (vers 13). De Heere heeft je van eeuwigheid af al voor ogen gehad. Dan blijft er alleen maar verwondering over. Hem zij de heerlijkheid tot in eeuwigheid.
Amen.

Archieven

Categorieën