5 februari 2017

Ongelooflijk, maar geloofwaardig

Predikant:
Bijbeltekst: lukas 5:17-26
Dienstsoort:

Samenvatting:

Heeft u tijdens het zingen van Psalm 30 ook even aan die verlamde man gedacht en/of aan uzelf? Heb je dat weleens? God die je opzoekt in de diepte. Ongelooflijk maar waar.

Jezus heeft zijn intrek genomen in het huis van Simon en Andreas in Kapernaum. Het was er erg druk, omdat Hij er was. Er waren ook veel Schriftgeleerden bij, als inspecteurs die meer wilden weten.
Jezus had kortgeleden een melaatse genezen, Hij was gezagvol.
De rabbi’s komen en het wordt stil. De stilte wordt gebroken door vier ziekenbroeders, die een draagbaar tussen zich in hebben. De patiënt is verlamd. We weten verder niet veel over hem. Of Hij over Jezus gehoord heeft of niet. Maar vier vrienden halen hun invalide vriend op. Ze kunnen hem niet beter maken maar hem bij Jezus afleveren. Herken je daar iets van? Mensen leiden tot Jezus.

Geloof is geen praatje maar praktijk. Het krijgt hier letterlijk handen en voeten. Zo vormen ze een reddingsploegje. Als ze bij Jezus arriveren begint de stagnatie. Ze willen door de menigte door, mensen ergeren zich aan hen. Ze moeten stil zijn, op hun toeschouwersplaatsje blijven staan. De wegen zijn versperd. Geloof en liefde vormen echter een machtig wapen en maken de mens vindingrijk: de trap op! Ze moeten leem, stenen en latwerk verwijderen. Wat zien ze? Dit is weer een tegenvaller: mensen hebben grimmige gezichten, hebben afwerende gebaren.

Jezus onderbreekt zijn redevoering en kijkt. Wat vinden mensen in de ogen van Jezus? Ze vinden er genade in. De werkelijkheid is prachtiger dan de woorden. Ze komen nooit ongelegen bij Jezus. Hij is een toevlucht, knoop dat in je oren. Ze laten de verlamde precies voor Jezus’ voeten zakken. Hij is volstrekt passief. Alles hangt nu van Jezus af. Hoe zal Hij reageren? De verlamde ligt zomaar op de eerste rang, hij heeft de rabbi’s van hun plekje verdreven, terwijl hij in die tijd gezien werd als een verworpene. Maar Jezus ziet hun geloof. Van wie? Van de vier mannen, hij ziet de geloofspraktijk, hij luistert niet naar de praatjes.
Orthodoxie versus orthopraxie: tot Jezus gaan, rechttoe rechtaan, door alle blokkades heen. Dat is geloven. Geloof is daad, om te beginnen met je hart. Een “uitgaande” daad, zelf gaan en anderen meenemen. Dat wordt door Jezus opgemerkt. Hij ziet het aan de vruchten maar ook omdat hij dat geloof zelf gewerkt heeft: door de trekkracht van Zijn Naam. Die naam is geloofwaardig in hun leven gekomen. Je weet lang niet alles maar je weet dat je bij Hem moet zijn en je gaat! Kun je vandaag nog mensen meenemen naar Jezus. Ja, niet op een bed maar op het gebed en door je getuigenis. Je bent of een sta-in-de-weg, schrikdraad om Jezus of een ziekenbroeder. Misschien ben jij ook wel zo naar Jezus gedragen. Het begon met de doop. Daar stak je zelf geen hand naar uit. Later opgedragen in het gebed, altijd met de bedoeling om ons bij Jezus af te leveren.

Daar lig je dan, zonder zelf iets te kunnen bewegen of te zeggen. Wat een wonderlijk woord komt er uit Jezus’ hart: mens, uw zonden zijn u vergeven. Daar kwamen ze toch niet voor? Daar kwam Jezus voor. Hij kwam om de hele mens gezond te maken. De zonde, de breuk met God stond ertussen.

“Beleden zonden worden vergeven.” Zien we dat hier? Jezus trekt Zich weinig aan van onze stelsels. Dit is genade, er staat helemaal niets tegenover. Dit woord is uitermate vrolijk evangelie voor mensen die alleen maar gebrek hebben, hulpeloos zijn, pretentieloos. De Heiland neemt alles mee.
Het kan omdat Jezus het zegt. Vind je het goedkoop? Vind je het ongeloofwaardig? Hopelijk niet, want dan bevind je je in de buurt van de farizeeërs. Dit is blasfemie, zeggen ze. De vergevende God laat zijn vergevende macht zien in Jezus, Zijn Zoon. Dat zien ze niet.
Hij bewijst het en leidt het in met een raadsel. Wat is makkelijker te zeggen: Sta op en loop of je zonden zijn vergeven? Ik denk dat dit raadsel niet is op te lossen. Beide dingen zijn onmogelijk voor een mens. Jezus kan en doet het alle twee, met eerbied gezegd in één moeite door.

Genezen doet Hij niet altijd. Daar weten mensen hier ook van. Jezus geneest nog niet. Er is nog veel verdriet, rouw en pijn. Christus kwam voor de hele mens, vergeving en genezing. Hij laat in flitsen zien het Koninkrijk dat komt. Hij zegt … opdat gij weet dat de zoon van de mensen bevoegdheid heeft, zegt hij tegen de verlamde: neem je bed op en sta op. Opstaan, opstanding. Iets van Jezus’ opstandingskracht breekt zich hier baan. Het gebeurt, de lamme geneest. Hij verheerlijkt God, ik denk dat psalmen in hem opwellen.
De verlamde kan gaan en staan waar hij wil. Waar God wil. Hij kan bestaan voor God, vrijgesproken van zonden. Kapernaum staat “versteld van extase”. Wat mooi als wij hier in de Maranathakerk ook iets van die extase ervaren in ons hart. Dan verheerlijk je God. Het is niet zomaar een vaag gevoel maar je verheerlijkt God en je wordt vervuld met diep ontzag. We hebben vandaag ongelooflijke dingen gezien, paradoxale dingen, die boven mijn begrip gaan en tegen de rede en de verwachting ingaan. Ongelooflijke dingen. Ja, maar voluit geloofwaardig, maar Jezus is uw/jouw/mijn geloof ten volle waard!

Archieven

Categorieën